Over de traditie

Zen, een boeddhistische traditie

Je hoeft geen boeddhist te zijn of te worden om zen te beoefenen!
Een wereldwijde eenduidige definitie voor ‘het boeddhisme’ bestaat niet. Dus wat betekent het als iemand zegt boeddhist te zijn? Waarschijnlijk bedoelt zij of hij dan ‘naar de Leer van de Boeddha te (willen) leven’. Zen-beoefenaars nemen de leer serieus en noemen zich niet allemaal boeddhist. Dat is prima.

Van De Boeddha tot hier

Siddhārtha Gautama (ca 500 v Chr,  India/Nepal) onderzocht  waarom leven soms zo pijnlijk is? Hij deed dit grondig en verkreeg aldus diep inzicht in het bestaan; het vergankelijke, het veranderlijke, het mysterieuze ervan.  Daarom werd hij de Ontwaakte, ofwel Boeddha genoemd.

Over zijn ervaringen – Boeddha’s Leer -onderrichtte hij tot aan zijn dood. Inmiddels hebben miljoenen mensen zijn inzichten als richtlijn voor hun leven gekozen. Door beïnvloeding vanuit verschillende culturen ontstonden er vele boeddhistische vormen. Bijzonder is dat ondanks de verschillen, de kern van de leer overeind is gebleven.
Boeddha is geen almachtige god en zo bezien is boeddhisme ook geen religie. Dat hij in de tijd door menigeen op een ‘goddelijk’ voetstuk is geplaatst, doet daar niet aan af.

Ch’an is de Chinese naam voor Boeddha’s leer en zen de Japanse.
Nadat de leer vanuit India in China kwam, vermengde die zich met vooral de Tao.
Los van elkaar zijn de Japanners Ensai en Dōgen rond 1200 naar China gereisd om ‘het boeddhisme’ te bestuderen. Weer terug in Japan introduceerde Eisai Zenji de Rinzai-traditie en Dōgen Zenji de Sōtō-traditie.

Maezumi Roshi

Taizan Maezumi Roshi (1931 – 1995) ging naar Amerika om de Japanse gemeenschap aldaar te ondersteunen. Hij onderrichte ook niet Japanners. Bijzonder was dat hij leraar-transmissie ontving in de de Soto- én de Rinzai-traditie. Opvolger van Maezumi Roshi werd Genpo Roshi en die gaf weer leraar-transmissie aan mijn leraar Niko Tenko Roshi (Tydeman). In mij resoneren beide tradities en alle voorgangers.
De leer wordt doorgegeven via geestelijke overdracht (transmissie). Zo ging het vanaf de Boeddha tot nu, van leraar op leerling.

Niko Tenko Roshi

Wat een leerling zoal kan doen:

Deelnemen

Gewoon deelnemen aan de sangha en thuis met grote regelmaat mediteren. Zo eenvoudig is deelnemen. En we noemen het zen-beoefening. Deelnemen is leren, je bent dus ook leerling.

Shoken

Als Je voor jezelf de zen-beoefening wat steviger wilt maken, dan kan je officieel leerling worden van jouw zenleraar. Tijdens een korte, persoonlijke Shoken ceremonie spreken leerling en leraar vertrouwen in elkaar uit om samen jouw zenweg te gaan.
Shoken vindt plaats op verzoek van de leerling.

Jukai

In deze ceremonie uit je de intentie om te leven naar een aantal geloften. Je kunt het zien als een verstevigen, verdiepen van jouw zen-beoefening. Vaak gebeurt dit in het bijzijn van de sangha, familie en vrienden. In de voorbereiding maak je zelf een rakusu en lineage.  Je ontvangt van de leraar een ‘boeddhistische’ naam en zo je wilt, mag je je zenboeddhist noemen. Vanaf  Jukai draagt de leerling tijdens meditaties het kleine boeddha-kleed; de rakusu.
Jukai vindt  plaats op verzoek van de leerling.

rakusu, het kleine boeddhakleed

Shukke Tokudo

Shukke betekent thuisloos, Tokudo betekent ceremonie: ceremonie van de thuisloosheid.  Je belooft om te leven met thuisloosheid ín de geest. Opdat je een ‘bevrijd’ bestaan leidt. Daarna ben je unsui. Vanuit ‘westerse’ blik wordt dit vertaald als monnik. Un-sui betekent echter wolk-water. Je belooft wolk te zijn als die nodig is of water zo dát nodig is. Niet mijn ego staat centraal, maar wat de situatie nodig heeft.
In Japan leefde een unsui celibatair in een klooster om zich volledig aan zen-beoefening te wijden. Bij ons kan een unsui zen beoefenen en tegelijk midden in het leven staan, met gezin, familie, vrienden en werk.
De Shukke Tokudo vindt plaats op verzoek van de leerling.

Meer informatie over: